de put van de tranen.
dat ik je zo missen kan. dat dacht ik. dat ik dat was vergeten. ik dacht het onder de douche. ik zou het je nooit vertellen.
en ik keek. naar de druppels van de tranen nooit gehuild. naar het water door de put. als een rivier van verdriet. zo moet het zijn. zo moet het zijn, diep in mij.
dat dat nou juist zo moeilijk is. je past misschien niet bij iedereen. maar je past bij mij. je snel en je ondoordenken en je juist overdenken en je grof en je ruw en ook je zacht. toch ook zacht. je stem die merkt in mijn binnen. ik die je niet uit vegen laat.
als alleen de woorden, lijkt het een sprookje. lijkt het de liefde, lijkt het roze. maar zonder de woorden is het verdriet en verloren jaren en wat ik nog niet zie en wat nog zeer gaat doen en wat moeizaam beter wordt.
als
beter
bestaat.
